Eigen voorstellen uitgaven middeleeuwse handschriften.
Van plan naar publicatie
BRON: Site Huygens Instituut.
Procedure voor de totstandkoming van delen in de reeks Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden.
- Stap 1. Een voorstel doen.
Iedereen kan voorstellen om een handschrift in de reeks uit te geven. In aanmerking komen middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden. Deze omschrijving wordt flexibel gehanteerd. In eerste instantie is gedacht aan codices met Middelnederlandse teksten maar onder de titel van de reeks vallen natuurlijk ook collecties in andere talen die in de Nederlanden zijn opgeschreven. Daarbij wordt het begrip Nederlanden ruimhartig opgevat, zodat bijvoorbeeld ook handschriften uit het Nederduitse grensgebied in aanmerking kunnen komen. Dezelfde ruimhartigheid geldt voor de temporele begrenzing van de Middeleeuwen. Bronnen van na de Middeleeuwen kunnen worden opgenomen in de reeks als die middeleeuws erfgoed bevatten.
In de praktijk komen de voorstellen vaak van uitvoerders die als bijproduct van hun (promotie-)onderzoek een editie voor eigen gebruik hebben vervaardigd. Een voorstel dient allereerst te bevatten: een korte karakteristiek van het handschrift en van de tekstcollectie die zal worden geëditeerd: inhoud en belang van de tekstcollectie, omvang, eventueel reeds bestaande edities. Verder een tijdpad en een (voorlopige) begroting (reiskosten, fotomateriaal).
- Stap 2. Een principebesluit tot opname in de reeks.
Voorstellen voor nieuwe delen worden besproken in de vergadering van de projectcommissie. Deze beoordeelt de wenselijkheid en de haalbaarheid van een voorstel en beslist op inhoudelijke gronden over opname in de reeks. Als besloten wordt tot opname van het voorgestelde deel in de reeks wordt een begeleidingscommissie ingesteld. Deze bestaat in de regel uit twee of drie commissieleden, die nauw bij de desbetreffende tekstcollectie zijn betrokken. Zonodig kunnen ook leden van buiten de projectcommissie in een begeleidingscommissie worden benoemd. De voorzitter van de projectcommissie is lid van alle begeleidingscommissies. Het Huygens Instituut is bij de besluitvorming betrokken inzake de haalbaarheid, in verband met de financiële consequenties. Immers het Huygens Instituut draagt ten dele de kosten van de publicatie.
De uitvoerders worden direct na de vergadering van de projectcommissie van het besluit over het voorstel op de hoogte gesteld. Bij een positief besluit krijgen zij ook te horen wie in de begeleidingscommissie zitting hebben en tot wie zij zich voor overleg kunnen wenden. Hun wordt ook uitdrukkelijk meegedeeld dat het besluit van de projectcommissie inhoudelijk is en ten principale. Om daadwerkelijk in de reeks te worden opgenomen is een positieve beoordeling van de kwaliteit nodig; hiertoe wordt een proeve voorgelegd aan de begeleiders van het betrokken deel.
- Stap 3. Het editiewerk.
De uitvoerder(s) kan (kunnen) nu beginnen met de editie van hun handschrift. Dat dient te geschieden volgens de regels die beschreven staan in de brochure
Th. Mertens, Richtlijnen voor de uitgave van Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden. Geredigeerd onder verantwoordelijkheid van de projectcommissie “Middeleeuwse Verzamelhandschriften uit de Nederlanden”. Hilversum, 1994. [Ook afgedrukt in het eerste deel van de reeks.]
De ervaring heeft geleerd dat ieder handschrift eigenaardigheden bevat die in de regels niet zijn voorzien. In zo’n geval mag in overleg met de begeleidingscommissie van de Richtlijnen worden afgeweken. Dergelijke afwijkingen of aanvullingen worden in de Inleiding bij de editie verantwoord (Zie Richtlijnen, p.13, sub 9).
In de afgelopen jaren zijn ook de onderdelen van de inleiding (zie Richtlijnen p.12-15) in aantal toegenomen. De belangrijkste uitbreiding betreft een onderdeel ‘Karakteristiek’ (vgl. deel VII, ‘Hulthem’) en een onderdeel Taalkunde (vgl. deel IX, ‘Gaesdonck’).
Kosten ten behoeve van de editie (reiskosten, en kopieerkosten bijvoorbeeld) worden in de regel door het Huygens Instituut vergoed. Dat kan alleen als zij vooraf zijn opgegeven en goedgekeurd. Bij de declaratie dienen originele betalingsbewijzen te worden gevoegd.
Aangezien vanaf deel XI de delen in de reeks doorgaans digitaal zullen gaan verschijnen is het van het grootste belang dat de uitvoerder hiervan van meet af aan op de hoogte is. Een digitale editie is op veel punten anders dan een gedrukte editie. Dat betekent ook dat sommige voorschriften in de Richtlijnen dienen te worden aangepast. Een voorbeeld van een gedigitaliseerd MVN-deel is te vinden elders op de website. {link} In veel gevallen zal een vorm van begeleiding noodzakelijk zijn bij het digitaliseren van de editie.
- Stap 4. De uitvoerder is gereed.
Wanneer de uitvoerder de editie naar de mening van de begeleiders geheel heeft voltooid, dient hij deze in bij de projectcomissie, via het secretariaat van het Huygens Instituut, dat zorgt voor vermenigvuldiging en verzending van voorwerk, inleiding en (delen van) de editie naar de afzonderlijke leden van de projectcommissie.
Als de op- en aanmerkingen van de commissie naar believen zijn verwerkt, geeft de comissie haar fiat. De editie wordt dan gepubliceerd op de website van het Huygens Instituut of op andere wijze. Ook publicatie gedeeltelijk in druk, gedeeltelijk digitaal kan een mogelijkheid zijn.
Belangrijke adressen en telefoonnummers
Huygens Instituut, Bezuidenhoutseweg 2, 2594 AV Den Haag. T: 070-3315800.
E-mail:
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
.
Dieuwke van der Poel, Opleiding Nederlands UU, Trans 10, 3512 JK Utrecht. T: 030-2714876.
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
.
Zie de website: www.huygensinstituut.knaw.nl
