Artikel Florette Dijkstra met Rebecca Stewart, Brabant Cultureel

Een voortdurend "nu"

Rebecca StewartBRON: Florette Dijkstra

In de Tilburgse synagoge studeert Rebecca Stewart een Mozarabische treurzang uit de middeleeuwen in, met musici die vanuit vele streken naar Tilburg zijn gekomen om met haar de Spaanse lamentatiekunst te bestuderen. De zangers en instrumentalisten musiceren beweeglijk, met heel hun lichaam en stem. Soms doen de vaak penetrante klanken meer denken aan Perzische of Indiase muziek dan aan wat wij normaal associëren met westerse oude muziek. Dat is niet vreemd, want in haar benadering van de muziek uit de Middeleeuwen verweeft Rebecca Stewart haar grote ervaring met niet-westerse modale tradities, voornamelijk die uit India.

Waar de Indiase muziek nog altijd voortleeft, is de westerse oude muziek een afgesloten geheel, ingebed in een eeuwenoude lading van onbegrip. ‘Maar,’ vertelt Dr. Stewart, ‘beide muzikale werelden zijn vocaal en gaan uit van modaliteit; dat wil zeggen dat de muziek zich ontwikkelt in een continue beweging, een voortdurend “nu”, waarbij de zanger de muziek meer ervaart dan maakt. Voor zanger én luisteraar is het vooral een kwestie van bewustwording en herkenning. Zowel de levende modale tradities als de niet meer levende westerse tradities, hebben als primaire functie het voeren van een dialoog met het goddelijke. Als musicus ben je dienstbaar aan God en dus aan de componist die de muziek componeerde in dienst van God. Daarom moet je in stilte op een geïnspireerde boodschap wachten, want alleen in stilte kun je de boodschap ontvangen. Je ontvangt hem niet zomaar; daarvoor moet je hard werken, niet alleen worstelend met de muziek, maar ook met je eigen, vaak cultureel en linguïstisch bepaalde beperkingen. In feite is het een kwestie van volgen, imiteren en voelen.’

Rebecca Stewart studeerde musicologie, etnomusicologie en zang aan diverse universiteiten, zowel in de Verenigde Staten als in India, en specialiseerde zich in Noordindische klassieke muziek en vroege Europese vocale tradities. Ze was medeoprichter van het vocaal ensemble Cappella Pratensis en is leidster van het ensemble Cantus Modalis, dat werkt met wisselende bezettingen. Ook richtte ze de barokzang-opleiding aan het Koninlijk Conservatorium in Den Haag op. In 1989 startte ze de oude ensemblezang-opleiding (beter bekend als de Schola Cantorum Brabantiae), de 1e en 2e fase opleiding aan het Fontys Conservatorium te Tilburg.

Persoonlijkheid terzijde zetten omwille van de muziek

‘Om modale muziek tot leven te brengen in jezelf, is het cruciaal dat je je persoonlijkheid terzijde zet. Deze muziek gaat over alles wat niet in de eerste plaats met je individualiteit te maken heeft. Als musicus moet je de muziek eerst haar weg laten gaan. Om dat te laten gebeuren is veel levenservaring nodig (of moet je nog kind zijn!). We hebben in onze levens veel pijn gevoeld én veroorzaakt. Deze pijn maakt onze verbinding met het heelal groter en dieper, waardoor onze relatie met onze nogal oppervlakkige “zelven” steeds minder belangrijk wordt. Het maken van modale muziek vraagt om het aanvaarden van datgene waarover we geen controle hebben en dat we nooit zullen of zelfs mogen begrijpen.’
Voor Rebecca Stewart is het zingen van modale muziek, net als ademen, onmisbaar. ‘Ik voel (de zanger en de luisteraar voelen) één steeds groter wordende ketting van trillingen die voor onze menselijke oren worden vertaald in boventoonrijke klanken. Hoe hoger en meer prominent deze boventonen, hoe dichter we ons bij onze schepping voelen staan. Alle modale tradities zijn gebaseerd op het genereren van boventonen; een vereiste dat grotendeels vermeden wordt in de normale klassieke muziekpraktijk. Maar door het zingen ervan word je verenigd met het hele boventonenspectrum en daarmee met het “universum”. Boventonen worden als het ware door de neus geïnspireerd en vervolgens verspreid door heel het lichaam. We krijgen dus muziek, we ademen muziek in en uiten haar weer: dat is een continue beweging tussen ons en het goddelijke. Je kunt muziek pas uiten als je muziek kunt inademen. En vreemd genoeg, terwijl je de muziek aan het “uiten” bent, voelt het alsof je de muziek nog steeds aan het inademen bent.’

Hoewel Rebecca Stewart vroeg in haar carrière overwoog om componist te worden, koos ze uiteindelijk voor het doorgeven van modale tradities die, althans in het Westen, niet meer begrepen zijn. Daarin vindt haar muziekbenadering een natuurlijk vervolg. Ook lesgeven gaat over doorgeven, groei en oneindigheid; cruciale begrippen in haar leven met muziek. Ze geeft ze vorm binnen de Schola Cantorum Brabantiae.

De studenten die oude muziek willen studeren hebben meestal al andere (muzikale) studies doorlopen. ‘Ze zijn al vertrouwd met hun “pijn”. Ik geef aan mijn leerlingen door wat ik zelf heb ervaren. Dat is niet eenvoudig en zeker niet vanzelfsprekend. Maar aangezien studenten slechts voor vier jaren een beurs voor de 1e fase krijgen, ontbreekt voor velen de mogelijkheid deze vaak tweede studie te doen. Daarom zoekt het Fontys Conservatorium, dat met recht trots is op haar opleiding, een tussenoplossing. Het idee is om, los van een 1e fase, twee of drie jaren aan te bieden als voorbereiding op de 2e fase. De studenten hoeven dan minder te betalen. Op deze mogelijkheid vestigen we onze hoop, want de 2e fase loopt zeer goed en het aantal geïnteresseerden wordt steeds groter.’

Met dank aan Stichting Oude Muziek Brabant.

Zie ook: www.fontys.nl/conservatorium/oude.muziek.67308.htm en
www.brabantcultureel.nl

 

Muziek Op Locatie


OMB Nieuwsbrief

Inschrijven of uitschrijven OMB Nieuwsbrief.


Naam:

Email:

Twitter OMB

Polleke

Een nieuw Nationaal Historisch museum