Conferentie ‘Muziek uit Shakespeare’s omgeving’

Door Paula Quint

Shakespeare en Muziek

Derde Nederlandse Shakespeare Authorship Conferentie. Leeuwenberg, Utrecht, zaterdag 3 juni 2006.

‘If Musicke be the food of Loue, play on, giue me excesse of it ……’ (Shakepseare, Twelfe night).

In het rijksmonument Leeuwenbergh aan het Servaasbolwerk te Utrecht werd de derde conferentie rondom Shakespeare gehouden. Het gebouw dateert van 1567 en wordt sinds enige tijd beschikbaar gesteld voor publiek met een brede culturele en religieuze belangstelling. Gedurende twee dagen werden lezingen en recitals georganiseerd rondom het thema ‘Shakespeare en Muziek.’

In de middag beet de beroemde acteur Henk van Ulsen het spits af met een voordracht onder de titel ‘De muziek van de Sonnetten.’ Een aantal sonnetten werd voorgedragen in de oorspronkelijke taal en in diverse Nederlandse vertalingen. Als geen ander weet Henk van Ulsen de muzikaliteit van de teksten over te brengen door de juiste ritmiek en cadans neer te zetten. De schoonheid van de tekst is haast ongekend. Als toehoorder word je langzaam meegenomen, verheven boven het alledaagse.

De akoestiek gooide echter enige roet in het eten. Met grote inspanning was Henk van Ulsen nog te volgen, maar de tweede spreekster Elizabeth Imlay haalde het niet. De moeite was tevergeefs, slechts flarden konden worden opgevangen. Haar lezing beschreef het leven van Edward de Vere, graaf van Oxford, als beschermheer van de Renaissance muziek. Vele beroemde componisten als William Byrde, Thomas Morley en John Dowland passeerden de revue bijgestaan door klinkende muzikale fragmenten. Muziek was in de tijd van Shakespeare uitermate belangrijk en gold als een vaardigheid die iedereen in meer of mindere mate diende te beheersen. Een citaat uit ‘Plaine and Easie Introduction to Practical Musike’ van Thomas Morley kan dit bekrachtigen: een jonge man beschrijft zijn ongelukkige ervaring tijdens een soiree:

"Supper being ended, and music-books, according to custom, being brought to the table, the mistress of the house presented me with a part, earnestly requesting me to sing. But when, after many excuses, I protested unfeignedly that I could not, every one began to wonder, yea, some whispered to others demanding how I was brought up! "

Kunst in het algemeen speelde in tegenstelling tot nu een veel grotere rol in een ieders leven. Menig componist heeft zich laten inspireren door de teksten van Shakespeare maar hij op zijn beurt heeft duidelijk inspiratie gevonden in de muziek.

De musicus Philip Pickett verraste het publiek met de vlot voorgedragen lezing ‘Muziek ten tijde van Elizabeth I.’ Plotseling bleek de akoestiek een minder groot obstakel te zijn. Deze specialist oude muziek voerde meteen iedereen mee in de wereld van het theater in het Londen van de 16e eeuw. Muziek nam, ter ondersteuning van de tekst, de uitbeelding van karakters en het versterken van de sfeer, een vooraanstaande plaats in op het toneel. Met verve schetste hij hoe een voorstelling eruit moet hebben gezien en wat er op welke plek heeft geklonken. De vele luistervoorbeelden van de muziek voor ‘mixed consort’ maakten de voordracht extra krachtig. Ook de manier waarop werd gemusiceerd kreeg ruimschoots aandacht. De ensembles, in een vaak vaste samenstelling, speelden vanuit een basis akkoordenschema of ‘Ground’ waarop de melodie eindeloos kon worden omspeeld, versierd en gevarieerd (division). Directe bewijzen van het gebruik van composities bij de toneelwerken van Shakespeare zijn nauwelijks bewaard gebleven. Toch maakte Philip Pickett dit gegeven uiterst aannemelijk.

De klavecimbelbouwer Joel Katzman was de laatste spreker van de dag en leidde met zijn verhaal over de ontwikkeling van het klavecimbel tevens het concert van die dag in. De conferentiegangers werden rondom het klavecimbel geplaatst om al het moois van dichtbij te kunnen aanschouwen. Hoewel de luit het meest geliefde instrument was en het klavecimbel daar aanvankelijk een afgeleide van was, mocht het eerstgenoemde helaas niet in levende lijve aanwezig zijn. Waar Joel Katzman overigens het ego van iedere luitist mee streelde was de opmerking zich een virtuoos bespeler van dat instrument te wensen. De bouwer sprak met zeer veel liefde over zijn vak en de muziek uit de Renaissance. De luit genoot hoogstwaarschijnlijk de voorkeur van Shakespeare maar ook zeker moet hij de klanken van het klavecimbel hebben gekend. Engeland importeerde deze instrumenten uit Vlaanderen waar de beroemde en vooraanstaande bouwerfamilie Ruckers was gehuisvest.

Richard Egarr besloot de dag met een recital op het klavecimbel, gebouwd door Joel Katzman, naar een voorbeeld van Johannes Ruckers. Werken van William Byrde en Orlando Gibbons vulden de ruimte. De welbekende ‘Lachrymae Pavan’ van John Dowland mocht zeker niet ontbreken en klonk zelfs in vier verschillende zettingen, waaronder één van Nederlandse bodem, namelijk die van Jan Pieterszoon Sweelinck. Bovendien illustreerden de verschillende versies de eerder beschreven verwante praktijk van het variëren op een muzikaal thema. Een mooi concert en een prima slot van een boeiende dag.

Beoordeling op de schaal 1 tot 10: 7
Gezien: Cultureel Centrum Leeuwenbergh, Utrecht.

 

Muziek Op Locatie


OMB Nieuwsbrief

Inschrijven of uitschrijven OMB Nieuwsbrief.


Naam:

Email:

OMB op Twitter

Polleke

Cultuurplannen nieuwe kabinet zijn